Stichting LEVEN met Borderline

door Ervaring Deskundig

Start

Borderline

Activiteiten

Forum

Contact

Donateurs


 

Sluit je aan bij een zelfhulpgroep
 

Dr. Jaap van Weeghel deed onderzoek naar zelfhulpgroepen. Zijn algemene conclusie is duidelijk: het werkt!

Lotgenotenorganisaties bieden een arm om de schouder en een gevoel van zinvol bezig zijn. Mensen kunnen zich ontwikkelen. Het levert leuke contacten op; er ontstaan vriendschappen en zelfs intieme relaties. Als het slecht met je gaat, krijg je sneller steun. Je zelfrespect wordt er beter op en ook je sociale vaardigheden nemen toe. Daardoor hebben leden van lotgenotenorganisaties ook vaker contact met niet-cliënten.

Men ziet anderen die hun problemen hebben overwonnen. Dat levert inzicht op en strategieën om met de problemen om te gaan. Men geeft elkaar tips en adviezen over leefstijl, stress en tekenen van terugval. Er is veel kennis over beschikbare hulp, patiëntenrechten en de aandoening zelf. Dat geeft meer keuzemogelijkheden en daarmee het gevoel zelf richting te kunnen geven aan het leven.

Het is dan ook niet vreemd dat deelnemers van zelfhulpgroepen minder vaak opnieuw opgenomen worden. Ook hebben ze minder psychiatrische behandeling nodig, hebben ze minder symptomen en gebruiken ze minder medicijnen. Hun welbevinden wordt in de loop van de tijd gelijk aan die van niet-cliënten. Het gevoel van eigenwaarde groeit en door minder terugval is men beter in staat om deel te nemen aan de samenleving.



Men voelt zich een nummer Ondanks positieve effecten blijft het deelnemen aan een zelfhulpgroep een grote stap. Tussen het eerste GGZ-contact en de eerste kennismaking met lotgenoten zit gemiddeld elf jaar. Redenen daarvoor is dat men te laat de eigen psychische kwetsbaarheid erkend. Daarnaast ziet men op tegen de problemen van anderen. Ook praktische drempels spelen een rol, bijvoorbeeld kosten en reistijd.

Zestien procent ziet onderlinge steun als alternatief voor reguliere GGZ-hulp. Dit is met name zo als de psychiatrische hulp zich beperkt tot het verstrekken van medicijnen. De meesten vinden dat lotgenotencontact gelijkwaardigheid biedt en reguliere hulp niet. Een ander pluspunt is dat lotgenoten elkaar aanvoelen, terwijl hulpverleners het uit een boekje moeten hebben.

Verder voelen cliënten zich vaak een nummer binnen de reguliere hulpverlening, terwijl er binnen lotgenotencontact ruimte is voor vriendschap en gezelligheid. Een algemene opvatting is dat psychiaters eerder pillen uitdelen dan praten. Men mist binnen de GGZ de directe hulp en steun in het dagelijkse leven.
 


Twijfel aan effectiviteit zelfhulpgroepen Weeghel vroeg cliënten of zij als eventuele valkuilen zagen in het deelnemen aan zelfhulpgroepen. Veertig procent was bang dat men de problemen van anderen als belastend zou ervaren. Dit blijkt in het begin inderdaad zo te zijn. Wie langer deelneemt leert echter om de problemen van anderen van zich af te zetten. Daarnaast was tien procent bang voor ondeskundige en onjuiste informatie. In de praktijk zijn echter geen voorbeelden gevonden van schade door ondeskundig handelen van lotgenoten.

Ook reguliere hulpverleners zien valkuilen. Sommige zien zelfhulpgroepen als een aanval op hun professionele autoriteit. Ze ervaren zelfhulpgroepen als concurrenten Ze waarderen professioneel geleide zelfhulpgroepen hoger dan steungroepen waarin professionals slechts ondersteunen.

Reguliere hulpverleners twijfelen vooral aan de effectiviteit van zelfhulpgroepen. Men is zelfs bang dat zelfhulpgroepen meer kwaad dan goed doen. Bijvoorbeeld omdat deelnemers tegen zware problemen van andere deelnemers aanlopen. Dit bleek zoals eerder gezegd echter erg mee te vallen. Zelfhelpers zijn zich meestal goed bewust van de eigen grenzen en er wordt doorverwezen waneer men de problemen niet aankan. Bovendien wordt het gebruik van medicatie of professionele hulp niet afgeraden. Integendeel; de meeste projecten benadrukken het belang van behandeling om stabiel te worden en te blijven.
 


Gevaren van samenwerking Ondanks de verschillen blijkt dat leden van zelfhulpgroepen het toejuichen als professionals hun vaardigheden delen. Met name informatie over symptomen en medicatie worden gewaardeerd. Vaak wordt de hulp van de reguliere hulpverleners gevraagd bij het opstarten van cliëntgroepen. Daarna wordt het gewaardeerd als hulpverleners ondersteunen bij individuele beperkingen van leden.

Er zitten wel kanttekeningen in de samenwerking tussen zelfhulpgroepen en professionele hulpverlening. De onderlinge verbondenheid in zelfhulpgroepen blijkt groter te zijn als er geen professionals deelnemen. Ook is er dan meer ruimte voor het uiten van gevoelens en gaat men eerder bij zichzelf te rade. Een ander gevaar is dat zelfhulpgroepen door het overnemen van taken tekorten in de psychiatrie maskeren. Inloopcentra worden dan belast met materiele en psychosociale ondersteuning terwijl reguliere hulpverleners zich beperken tot psychotherapeutische en medische zorg.

Bron: Netclienten.nl

Terug naar de artikelen
 

Copyright © 2002 - 2007 Stichting LEVEN met Borderline

Disclaimer