Stichting LEVEN met Borderline

door Ervaring Deskundig

 

>Borderline

 

   

Start

Wat is Borderline?

>DSM-IV criteria

Behandelingen

Voor Borderliners

Voor Omstanders

 

DSM-IV Criteria

 

In de hulpverlening wordt gebruik gemaakt van de DSM-IV criteria, dit zijn criteria die wereldwijd worden gebruikt. Als bij een persoonlijkheidstest aan minimaal 5 van de onderstaande 9 DSM-IV criteria voldaan wordt wordt de diagnose Borderline gegeven. De testen worden voornamelijk uitgevoerd door de diverse Riaggs.

  • Angst om verlaten te worden en dat krampachtig proberen te voorkomen
    De eigen identiteit is verdwenen, de patiënt past zich aan aan wat hij/zij denkt dat van hem/haar verwacht wordt, wringt zich in alle bochten en is bereid tot manipulatie om te voorkomen dat hij/zij in de steek gelaten wordt.

  • Een patroon van instabiele en intense intermenselijke relaties, gekenmerkt
    door wisselingen tussen overmatig idealiseren en kleineren.                        Iemand is of hartsvriend(in), al binnen een minuut, of wordt totaal verworpen. Mensen worden onderverdeeld in ‘veilig’ of ‘niet veilig’. Een jarenlange vriendschap kan plotseling beëindigd worden door één enkele opmerking waardoor de persoon overgaat van alles naar niets.

  • Zwart-wit denken
    Voortkomend uit wantrouwen, altijd zoeken naar ruzie, prikkels, om het vervolgens niet aan te kunnen.

  • Stemmingswisselingen
    Eén woord of één beeld op televisie kan een plotselinge wisseling van stemming opleveren, van vrolijk naar intens somber, maar ook andersom. De wisselingen kunnen ook zonder aanwijsbare reden komen, maar beide uitersten zijn extreem. De wisselingen kunnen enkele minuten tot een aantal dagen duren.

  • Impulsiviteit op tenminste twee gebieden die in potentie betrokkene zelf kunnen schaden
    Bijvoorbeeld geld verkwisten, verschillende seksuele kontakten, gok- of drankverslaving, criminaliteit, vreetbuien, roekeloos rijden of automutilatie (zelfverwonding). Bij mannen wordt eerder vluchten in drank-, gokverslaving en criminaliteit gezien en bij vrouwen eerder automutilatie.

  • Moeilijk alleen kunnen zijn en geen ritme hebben
    Verlatingsangst, het lijkt heel goed met de patiënt te gaan tot dat je weg gaat. Omslaan in stemming, paniek en agressie volgen. Het ritme van de dag aan houden is moeilijk, de patiënt zakt snel weg in een lusteloze bui en ligt de hele dag op de bank of speelt computerspelletjes.

  • Identiteitsstoornis: duidelijk aanhoudend instabiel zelfbeeld of zelfgevoel; chronisch gevoel van leegte.
    Leegte, de patiënt weet niet wat hij/zij voelt, denkt of vindt. Dit wordt beschouwd als het ‘engste’ gevoel van Borderline, niet vrolijk of verdrietig, maar helemaal niets voelen. Niet bestaan, niet ‘zijn’. En het steeds terugkerende gevoel van ‘wie kan er nou van MIJ houden?’.

  • Inadequate intense woede of moeite kwaadheid te beheersen.
    Woedeaanvallen die niet misselijk zijn, als de patiënt alleen gelaten wordt, denkt verstoten te worden of zomaar. Ook agressie naar zichzelf toe, ‘straffen moet ik’, zeer voelen.

  • Dreigen met zelfdoding, alsmede zelfverwonding, dissociatieve- en psychotische verschijnselen.

 

* Diverse moeilijke woorden staan uitgelegd op de pagina verklarende woordenlijst.
 

 

Copyright © 2002 - 2006 Stichting LEVEN met Borderline

Disclaimer